Een aantal visies op hoogbegaafdheid

1. De klassieke visie is gebaseerd op het IQ. Op die manier wordt aangegeven hoe groot iemands verbale, wiskundige en ruimtelijke intelligentie is. Deze manier van kijken gaat voorbij aan de andere eigenschappen die het gevolg zijn van deze hoge intelligentie.

2. Volgens de psycholoog Gardner is intelligentie "de bekwaamheid om een probleem op te lossen of een waardevol product te creeëren". Dit kan volgens hem op verschillende (meervoudige) manieren. "Don't ask how intelligent you are, ask how you are intelligent"
De 8 meervoudige intelligenties die hij onderscheidt, zijn:

Als je laag op een IQ test scoort, betekent dit volgens Gardner dus niet dat je niet intelligent bent. Het betekent alleen dat je niet verbaal/linguïstisch, logisch/mathematisch en/of visueel/ruimtelijk intelligent bent. Op één van de andere manieren kan je wel (extra) intelligent of (hoog)begaafd zijn. Deze niet algemeen aanvaarde theorie verklaart ook het grote verschil tussen hoogbegaafden onderling.
Volgens Gardner moet je jezelf dus niet afvragen "how intelligent you are" maar "how you are intelligent".

3. Kuipers en Van Kempen introduceerden het begrip eXtra intelligentie of Xi.
Voor hen zijn er 5 karakteristieke kenmerken waarin een Xi-er zichzelf kan herkennen:

4. In de definitie van de Columbus groep (1991) komen de verschillende aspecten van hoogbegaafdheid samen:
"Hoogbegaafdheid is een asynchrone ontwikkeling waarin hogere cognitieve vaardigheden en verhoogde intensiteit samengaan en innerlijke ervaringen en bewustzijn creëren die kwalitatief afwijken van de norm. Deze asynchronie neemt toe naarmate de intellectuele capaciteit hoger wordt. Het uitzonderlijke van hoogbegaafden maakt hen bijzonder kwetsbaar en vergt een andere aanpak (...) om zich optimaal te kunnen ontwikkelen."